Wilbert op Oosterhouw. Foto: Maartje Strijbis

Van idee tot daad #1: Oosterhouw: ‘Ik kijk niet eerst of ik ergens even mooi aan kan verdienen’

Ik vroeg Lieke van den Krommenacker om mij te interviewen, omdat ik geen lange verhalen kan schrijven. Dit artikel is de eerste in een serie over ondernemen/hoe ik dingen doe.

Wat gebeurt er als je een idee niet op de plank kunt laten liggen? Dan voer je het uit. Of, in het geval van sociaal ondernemer Wilbert van de Kamp, dan voer je al je ideeën uit. Tegelijk. Door elkaar heen. Van het ene in het andere tuimelend. Hoe? Niet nadenken, maar doen, betoogt Wilbert. Oké. Maar, eh, hoe dan? Hij ging er eens voor zitten. En blikte terug op zijn tijd in Landhuis Oosterhouw in Leens, het huis waar hij een jaar lang de huisbewaarder was en dat de eerste van vele deuren opende.

De lessen in dit artikel:

  • Vooral eerst doen
  • Mensen om je heen vertrouwen = ook mensen om je heen helpen = ook jezelf helpen
  • Niks is mislukt, maar dingen kunnen wel verbeterd worden
  • Als je een ego hebt, zet deze dan nuttig in
  • Juist door het gangbare te veranderen wordt er ruimte gecreëerd, en die ruimte kan zonodig geld maken

Wilbert en ik treffen elkaar in mijn kantoor, aan het Martinikerkhof. Hij stapt binnen in een dikke jas en schuift aan bij de verwarming. Hij komt net van een brainstorm met een collega-ondernemer die moeite heeft met de start van een nieuw project. Dus riep hij de hulp van Wilbert in, voor wie (sociaal) ondernemen vanzelf lijkt te gaan. En van wie het bijna verbazing wekt als hij ergens eens níet bij betrokken is.

Op het moment dat we elkaar spreken, een maandagochtend eind november, is Wilbert bezig met zo’n zestien projecten. Of nee, wacht, zijn het er niet zeventien? Nou ja, het zijn er veel. Variërend van het bestieren van Omapost, een online-service voor het versturen van ansichten met foto’s naar opa’s en oma’s, tot het presenteren van talkshows — al dan niet zelf geproduceerd — en het organiseren van het Zwarte Zielenfestival op Landhuis Oosterhouw in Leens en de Kutzooibingo — een circulaire bingo — door het hele land. Of het koppelen van boeren en restauranthouders onder de noemer Lokaal Kilo’s Schuiven.

Als Wilbert niet met een van zijn eigen projecten bezig is, wordt hij vaak gevraagd om mee te denken over andere plannen. Hij zit in klankbordgroepen. In kernredacties. Denkt mee over de programmering van festivals en campagnes van uiteenlopende bedrijven, maar ook over wat wel en niet aanslaat in restaurant Nok in het Forum Groningen.

Wat Wilbert ook doet; hij valt op. Hem lukken dingen waar andere ondernemers van dromen. Hij voert plannen uit die bij anderen om wat voor reden dan ook op de plank blijven liggen. Het zet hem — en niet alleen hem — aan het denken. Wilbert: “Ik denk weleens: is ondernemen nou echt zo moeilijk of doe ik echt iets heel ander dan anderen? Wat ik merk is dat veel mensen dingen laten uit angst. Ik doe heel veel dingen wél, omdat ik er vertrouwen in heb dat er iets uit voortkomt.”

Wat ik merk is dat veel mensen dingen laten uit angst.

Iets. Dat kan van alles zijn?

“Ja. Wat ik vaak doe is in het diepe duiken, niet eerst met je teen erin. Een gedachte die ik eigenlijk nooit heb, of tenminste nooit meteen, is: kan het uit? Ik ga niet eerst kijken of ik ergens even mooi aan kan verdienen. Elk project is ook een zoektocht en het is dikke vette prima om niet gelijk te weten hoeveel je voor iets wilt vragen en wat iets precies kost. Het is vaak het startpunt van mensen, maar als je gelijk over geld begint te blaten als je met iemand praat is er ook snel gezeik. Je kunt beter praten over hoe je elkaar verder kunt helpen. Ik ben er niet van overtuigd dat alles lukt als je het maar hard genoeg probeert, wel dat áls je het probeert je ontdekt waarom iets wel of niet gaat lukken.”

Ben je zo ook op Oosterhouw terechtgekomen?

“Ik leerde het huis kennen in 2014 door Carmen, een vriendin. Zij was een keer bij een Proust-leesclub in Groningen geweest en trof daar een paar mannen die zeiden: wij kennen nog twee oudere heren in de provincie en die zouden wel wat meer contact met jongeren willen. Of zij daarbij wilde helpen. Waarop Carmen al snel bedacht dat ze het niet alleen wilde doen. Het leek haar leuk een jonge kok erbij te hebben. Zo kwam ze bij mij terecht.”

Want jij was natuurlijk ook kok.

“Ik kookte destijds in het studentenrestaurant van de Navigators, de studentenvereniging waar ik lid was. En ik deed soms bruiloften. Zo kwamen Carmen en ik op het idee voor een literair evenement met eten op Oosterhouw, dat toen werd bewoond door ex-monnik Christiaan Klasema en tuinarchitect Klaas Noordhuis, die inmiddels is overleden. Dus op een dag kwam Arie, een van de mannen van de Proust-leesclub, Carmen en mij ophalen in zijn Jaguar en zijn we naar Oosterhouw gereden. Daar werden we ontvangen door Klaas, een oude herenboer in statige kleding, en voor ik het wist zaten we aan een glazen tafel met rioolpijpen als poten, aan de jasmijnthee, amaretto en tiramisu. Ik dacht: wat in hemelsnaam is dit voor huis? Klaas dacht: wie is deze jonge blaag die zegt dat hij een begroting kan maken voor een evenement als dit?’

Twee jaar later vertrok je met heel je hebben en houwen naar Leens. Om voor een jaar huisbewaarder van Oosterhouw te worden.

“Ja. Uit dat eerste literair evenement, dat er is gekomen omdat we een leuke groep mensen bij elkaar kregen en Christiaan enthousiast was, zijn allerlei dingen ontstaan. Een daarvan is dat we op Oosterhouw ook het openingsweekend hebben georganiseerd van wat nu het Slow Food Youth Network heet: een internationale jongerenbeweging die zich inzet voor een eerlijke en gezonder voedselsysteem. Ik organiseerde de Academie, en woonde in die tijd in Amsterdam. Ik wilde het maken, misschien wel veel te graag — en dat werd ‘m allemaal niet. Toen las ik op de blog van Christiaan, dat ze een huisbewaarder zochten. Christiaan en Klaas wilden er weg maar kregen het huis niet verkocht. Ik heb ze een berichtje gestuurd en we zijn met elkaar om tafel gegaan. Uiteindelijk was de afspraak dat ik 1000 euro huur per maand betaalde en er op mijn manier voor mocht zorgen dat het huis onder de aandacht kwam.”

En dat heeft de wereld geweten. Je hebt er van alles georganiseerd, van de Oosterhousewarming en klusweekenden — in het Zweet des Aanschijns — tot het hele dorp op de koffie en het Zwarte Zielenfestival, een soort anti-festival en ode aan de treurnis, die inmiddels traditie is geworden. Wat is de belangrijkste les geweest die je leerde in Leens?

“Dat ik het niet allemaal alleen moest doen. Ik woonde daar in een enorm huis, mijn relatie was net uit, lag veel in bed en het werd winter; de winter waarin ik werd gediagnosticeerd met depressie. En intussen was ik in mijn eentje Oosterhouw draaiende aan het houden. Niet ideaal. Dus ik ging in therapie, ben meer gaan sporten en vitamine D gaan slikken. Dat hielp. En op een gegeven moment dacht ik: ik wil dit niet meer alleen. Toen ben ik gaan nadenken of ik iemand wist die het leuk zou vinden én er wat aan had om het met mij samen te doen. Dat werd Laurens Collee, een muzikant uit Rotterdam die ik kende van Twitter. We hebben eerst een proef gedaan, hij kwam logeren met zijn jonge katje Bear Grylls en is niet meer weggegaan. Daarna zijn er allerlei ideeën ontstaan.”

Veel samenwerken dus, met wederkerigheid als uitgangspunt: het leverde jullie beiden wat op. Al was dat aanvankelijk dus geen geld. Hoe kwamen jullie dan rond?

“Voor mij was het in die tijd super schraal. Ik schreef af en toe wat voor Vice, deed wat talkshows in Amsterdam en begeleidde af en toe wat groepen met eten. Toch was geld niet wat ik nodig had. Maar iemand om het samen mee te doen. En Laurens kon zijn album afmaken op Oosterhouw, terwijl hij zijn huis onderverhuurde. Doordat ik veel dingen niet meer alleen op me hoefde te nemen, werd de organisatie veel gemakkelijker. Ik wil dingen doen omdat ik ze leuk en betekenisvol vind. Tuurlijk heb ik ook gedacht: wat een stress en verdien ik wel genoeg, maar dat is nooit een reden geweest om dan maar iets anders te gaan doen. Uiteindelijk liep het zo gesmeerd dat onze boodschap was: kom maar met je evenement, we gaan niet kijken óf we het gaan doen maar hóe. En de financiële structuur komt later. Uiteraard wel met de kanttekening dat ik geen hoge vaste kosten had.”

En? Werkt dat ook zo?

“Ik denk het wel. Belangrijk is wel: niet elk evenement hoeft perfect te zijn. Liever niet. Het moet juist vooral geen finale zijn, zeg ik altijd. Dat is misschien wat anders dan hoe de meeste mensen werken. Hoe ik veel dingen doe is: tegen een niet al te hoge prijs, dan is er ruimte voor imperfectie. Je moet ook goed weten wat je niet moet doen of bij wie je niet moet zijn. Zo moesten we het op Oosterhouw niet van onze bereikbaarheid hebben. Dan moet je dus goedkoop zijn of heel meedenkend. Het lukte altijd wel om het financieel te regelen. Er valt altijd wel te onderhandelen. Dan zorgde ik bijvoorbeeld voor de producten van de boeren voor een culinair evenement of voor mooie foto’s.

Het moet juist vooral geen finale zijn, zeg ik altijd.

Dan lijkt het me ook belangrijk dat mensen je dingen gunnen. Zoals boeren hun eten.

“Klopt. Zo heb ik voor zo’n SFYN Openingsweekend samengewerkt met topkok Dick Soek. Hij vond het cool dat ik me op zo’n sociale manier met lokaal voedsel bezighield en wist dat het voor mij liefdewerk oud papier was. Dan zei hij regel jij de prei, kook ik. En met dat verhaal kon ik dan weer naar de boeren. Oosterhouw wás natuurlijk ook een vet verhaal: een jongere uit Amsterdam die naar het platteland vertrekt om een landhuis leven in te blazen. Dat is interessant. En daar zit ook wel wat ego in hoor, dat ik zulke dingen doe en durf. Een van de eerste dingen die ik heb geregeld is een dikke fotoshoot.”

Wat dacht je: een hippe Amsterdammer op ’t Groningse land: dan in elk geval in stijl?

“Ha. Nou, ik dacht: we hebben gewoon een goede website en huisstijl nodig. Dat betaalt zich wel terug. Ik moest echt mijn best doen om het te betalen. Ik had ook nog geen idee wat ik er precies ging doen behalve dat mensen er konden blijven slapen, eten en dat ze er iets konden organiseren. Maar de basis was er. Mensen raakten benieuwd. Uiteindelijk hebben bezoekers boeken bij ons geschreven, geschilderd, gemaakt. We hebben cabaretiers in huis gehad, muzikanten die clip op hebben genomen. Het is ons gelukt al die dingen met elkaar te verbinden. En om gekke combinaties te maken en daarin onderscheidend te zijn. Gingen we een RnB-clip opnemen. Dat combineert heel slecht met zo’n oud statig pand en juist dat maakt het leuk.”

Nou komt zoiets als Oosterhouw niet op ieders pad. Of ziet niet iedereen in zo’n soort project een kans. Wat zou je ondernemers adviseren die minder gauw in het diepe duiken of niet weten waar ze moeten beginnen?

“Yvonne — iemand met wie ik veel samenwerk — heeft eens tegen me gezegd: heel veel mensen willen problemen oplossen door veel na te denken, jij doet dat door dingen te doen. Soms ga ik daarbij te snel, dan kom ik met een oplossing terwijl het probleem nog niet duidelijk is. Toch zou mijn tip zijn: zeg vaak ja. En zoek medestanders. Sinds mijn depressie doe ik bijna alles met anderen. Kijk daarbij wat je anderen te bieden hebt. En besteed dingen uit waar je echt niet goed in bent of die je echt niet leuk vindt. Voor sommige dingen geldt: in de tijd dat je ze moet leren heb je al lang iemand ingehuurd voor minder geld.”

Sinds mijn depressie doe ik bijna alles met anderen.

Hij valt even stil, denkt na. Komt dan terug op waar het gesprek mee begon: angst en vertrouwen. Durven. En, ja, toch: doen. “Ik geloof eigenlijk dat het feit dat ik het meest heb geleerd van het feit dat ik dingen heb gedaan. Niet dat ik ze niet goed heb gedaan. Je moet niet nadenken hoe je dingen beter kunt doen. Je kunt dingen beter doen.”

Wilbert trekt zijn jas aan en lacht. “Dat klinkt wel heel Johan Cruijff, of niet?”

Hoe is het nu met Oosterhouw? In november 2018 vertrokken Laurens en Wilbert, en keerde Christiaan Klasema terug. Klaas Noordhuis was in augustus 2017 overleden. Samen met Christiaan organiseren Wilbert en Laurens nog steeds het Zwarte Zielen Festival. Ondertussen groeit het huis door, onder andere gebaseerd op de ideeën die Laurens en Wilbert tijdens hun tijd op Oosterhouw ontwikkelden. Ga langs! www.oosterhouw.nl

Verder luisteren, kijken of lezen?

Schijnbaar onbelangrijke verhalen over de dingen die er toe doen, meestal met een spelfout of 3.

Get the Medium app

A button that says 'Download on the App Store', and if clicked it will lead you to the iOS App store
A button that says 'Get it on, Google Play', and if clicked it will lead you to the Google Play store